Interview Alfred van den Bosch: bestuurder bij Vivare
Alfred van den Bosch is bestuurder bij woningcorporatie Vivare, waar hij de volkshuisvesting ziet als onmisbare pijler voor huishoudens met een bescheiden inkomen of in bijzondere situaties. Hij ziet dat samenwerking met gemeenten, zorg- en welzijnsorganisaties cruciaal is en wil dat dit vooral praktisch en in de wijken zichtbaar wordt. Vivare investeert veel in nabijheid: bij mensen thuis, in de straat en de wijk. Persoonlijk gebruikt Van den Bosch zijn overtuiging dat minder regels en meer vertrouwen medewerkers én huurders gelukkiger maakt en processen goedkoper en effectiever.
De woningmarkt staat onder grote druk. Hoe zie je de rol van woningcorporaties – en specifiek Vivare – in het vormgeven van de volkshuisvesting van de toekomst?
Onmisbaar, absoluut. Corporaties – en Vivare in het bijzonder – hebben het doel om betaalbare en passende woonruimtes voor mensen met een kleinere beurs te creëren. De nood is hoog, op elke woning die we aanbieden reageren vele woningzoekenden. Die druk wegwerken vraagt hard werken, ondernemen, realiseren en altijd nauw contact met onze omgeving.
Samenwerking met gemeenten, zorginstellingen en marktpartijen is cruciaal. Hoe zorg je dat die samen-werking niet alleen efficiënt, maar ook duurzaam is?
Door het gezamenlijke doel voorop te stellen en continu te kijken hoe je met elkaar meer kunt realiseren. Met gemeenten, zorg- en welzijnsorganisaties zijn we langdurig verbonden. Het gaat mij minder om convenanten en meer om samen het verschil maken in de wijk, zodat bewoners merken dat problemen daadwerkelijk worden opgelost.
Vivare is sterk geworteld in de regio. Wat betekent ‘duurzame relatie’ voor jou in de context van huurders en buurten?
Voor mij betekent een duurzame relatie dat we langdurig dichtbij zijn. Niet vanuit ons kantoor, maar zoveel mogelijk aan de keukentafel of in het trappenhuis. Huurders moeten ons zien, voelen en ervaren dat we er zijn.
Welke veranderingen zie je op ons afkomen die het werk van woningcorporaties fundamenteel zullen veranderen? En hoe bereidt Vivare zich daarop voor?
Ik zie drie grote bewegingen: de impact van een groeiende maatschappelijke diversiteit in onze wijken, technologische innovaties rondom circulariteit en AI- intelligentie, en veranderingen in hoe wij werken. Dat vraagt heruitvinden, kansen zien én onze collega’s meer professionele ruimte geven om te handelen.
Hoe zorg je intern voor een cultuur waarin samenwerken over afdelingen en disciplines heen vanzelfsprekend is?
We werken volgens Durven, Doen, Verbinden en Versnellen. Met Rijnlands organiseren en geven we collega’s ruimte én zoeken we de integraliteit. Door processen ketengericht te bekijken leren we vanzelf over afdelingen heen te werken, altijd met de huurder centraal.
De sociale huursector vraagt om mensen met hart voor de zaak én veranderkracht. Hoe vindt én bind je dat type professional in een krappe arbeidsmarkt?
Het begint met hoe we bekendstaan: zijn wij de corporatie waar je je energie kwijt kunt en trots op bent? We vertellen open en eerlijk wie we zijn en wat we doen, en dat trekt de juiste mensen aan.
Welke rol zie je voor organisaties als Dux Nova bij het helpen bouwen aan de volgende generatie woningcorporatieprofessionals?
Ik zie daarin een cruciale rol. Wij kunnen veel zelf, maar niet alles. Voor specifieke functies missen we schaal en netwerk. Dan helpt de deskundigheid van Dux Nova enorm om die bijzondere professionals toch aan Vivare te verbinden.
De opgave is groot, de middelen zijn beperkt. Hoe houd je als bestuurder balans tussen maatschappelijke ambities en realistische uitvoerbaarheid?
Het is balanceren tussen veel ambities hebben en de haalbaarheid van deze ambities. De opgaven zijn inderdaad groot, daar ben ik niet terughoudend in. Kunnen we, door anders werken, meer realiseren met dezelfde middelen? Tegelijk moeten we realistischer voorspellen en sturen, zodat we beloftes waarmaken.
Wat vraagt de energietransitie – en de versnelling daarvan – van de samenwerking binnen de keten?
De energietransitie lukt alleen als we écht als keten samenwerken, bijna als een joint venture. Welk energiesysteem komt er in de wijk, hoe isoleren wij de woning en hoe kunnen huurders hun woning slimmer gebruiken. Met verschillende belangen en rollen, maar vooral met openheid en vertrouwen. Dan wordt het resultaat groter en beter.
Wat zou je aankomend managers mee willen geven die overwegen te kiezen voor een carrière in de volkshuisvesting?
Werken in de volkshuisvesting is ondernemen, maatschappelijk én mensenwerk tegelijk. Voor nieuwe managers: ontdek hoe mooi die combinatie is. Als je bevlogenheid hebt en een hart voor dit vak, dan is dit echt de mooiste plek om te werken.